Freya Moonen won de essaywedstrijd van de Raad van Europa en mocht op 1 oktober de verjaardagsceremonie in Straatsburg bijwonen. Benieuwd naar hoe zij deze dag beleefde? Lees hier haar ervaring:  


Foto: Freya Moonen

 

25 juni, 2019, ergens in de namiddag. Ik krijg telefoon van een onbekend nummer. Het is het Europahuis. Of ik nog weet dat ik een maand geleden heb deelgenomen aan de Essaywedstrijd ter ere van de 70e verjaardag van de Raad van Europa. Dat ik heb gewonnen. Dat ik naar Straatsburg mag om de verjaardag mee te vieren.

Een viertal maanden later, op 30 september, vertrek ik dan op mijn meest onwaarschijnlijke reis tot nog toe: helemaal alleen, naar een plek die ik niet ken, met mensen die ik niet ken, dankzij een essay dat ik in zeven haasten heb geschreven net voor mijn examens begonnen, zonder er echt rekening mee te houden dat de prijs ook echt voor mij zou kunnen zijn. Het maakt dat ik met een klein hartje vertrek, dat niet lijkt te passen bij het indrukwekkende programma dat op me wacht. Want indrukwekkend is het programma wel en anders dan voor de andere laureaten, staat er voor mij al op de eerste avond een belangrijk moment gepland.

De Vlaamse overheid heeft namelijk een panelgesprek georganiseerd over klimaat en mensenrechten. Precies daarover gaat mijn essay en ik mag er mijn tekst toelichten, maar belangrijker zijn de andere sprekers, die voor een leerrijke avond zorgen: rechter Paul Lemmens legt uit hoe de Raad van Europa eerder al met klimaat en mensenrechten is omgegaan, Iva Obretenova vertelt over de conventie van Bern en Fourat Ben Chikha heeft het over hoe de strijd tegen de klimaatverandering ook een sociale strijd is. Er wordt verschillende keren benadrukt dat er heel wat gebeurt en dat er nog meer in de pijplijn zit. Enerzijds stelt me dat gerust: niet enkel willekeurige tieners komen in actie. Anderzijds voedt het mijn gevoel van machteloosheid: als we zoveel doen, waarom blijft de toestand dan achteruitgaan? Als zelfs politici niet krachtig genoeg zijn om iets wezenlijks te veranderen, wie dan wel? En waarom investeren we energie in ontoereikende maatregelen, in plaats van in doeltreffende? Een antwoord heb ik niet.

Dinsdag is de echte grote dag. We bezoeken de Raad van Europa en horen president Macron speechen, onder andere over het stemrecht van Rusland in de Raad van Europa. Het onderwerp ligt gevoelig, de president krijgt kritiek. Na de speech vertrekken we naar het operagebouw, voor de ceremonie. Daar aangekomen is er eerst een groot fotomoment met onder andere president Macron en Marija Pejcinovic Buric, de secretaris-generaal van de Raad van Europa. De ceremonie zelf bestaat uit speeches en een klein beetje klassieke muziek. De laureaten en ik volgen hem deels van voor en deels van achter de schermen, want halverwege moeten we de zaal verlaten en zelf op het podium gaan klaarstaan om ons diploma in ontvangst te nemen. Het is veruit het mooiste diploma dat ik al ooit heb gekregen.

Die avond verlaat ik de groep laureaten om naar een buffet te gaan in de ambtswoning van de Belgische ambassadeur, Gilles Heyvaert, die zowat het prototype van de goede gastheer blijkt te zijn. Hij stelt me aan iedereen voor – van rechters tot politici – en zoekt een plaats voor me uit aan een tafel bij mensen bij wie ik me goed zou kunnen voelen. Ik beland voornamelijk tussen leden van Groen en Ecolo. We praten over van alles en nog wat – politiek, klimaat, studeren… De avond gaat vlotjes voorbij en wanneer ik terug naar het European Youth Centre stap, waar ik de afgelopen nachten heb geslapen, bedenk ik me dat al die politici eigenlijk nog steeds heel gewone mensen zijn. Die gedachte steek ik in het zelfde potje dat ook de indrukken van op het panelgesprek bewaart, want weer weet ik niet of dit idee hoopgevend is of juist niet: misschien verklaart het waarom we nog maar staan waar we staan met onze strijd tegen de klimaatverandering; misschien toont het dat ook een gewoon iemand het ver kan schoppen en dat de strijd dus nog niet verloren hoeft te zijn. Stof tot nadenken voor de treinrit van de volgende dag heb ik alleszins wel, maar wanneer ik in Brussel uit de trein stap, heb ik enkel nog een extra vraag in mijn hoofd zitten: waarom nemen mensen toch zo dolgraag het vliegtuig, als je daardoor alleen maar minder tijd hebt om je gedachten te ordenen?


Foto: Raad van Europa

 

Europahuis Ryckevelde organiseerde de wedstrijd '70 jaar Raad van Europa' in opdracht van het Ministerie van Buitenlandse Zaken van de Vlaamse overheid.

Campagne Klimaat

Ontdek het hier